Ik heb enkele goede dagen achter de rug. De pijn is beheersbaar en ik begin terug wat meer energie te krijgen. Het is te zeggen: ik slaap geen volledige dagen meer. Ik kan minimale bijdragen leveren aan het huishouden en gezelschapsspelletjes spelen met mijn meisjes. Ik heb mezelf zelfs in de watten gelegd door zaterdag met een paar vriendinnen een make-up cursusje te volgen. Lachen, gieren, brullen, en geen woord over MS. Zalig! Zondag ben ik mijn zus gaan helpen verhuizen. Je moet je daar niet te veel bij voorstellen. Ik lig languit op haar bed, zij houdt een kledingstuk voor, en ik zeg of het mag blijven of in de container verdwijnt. Een beetje Medexje spelen, alleen beslis ik nu wat er gebeurt. Ik vind het fantastisch dat ik terug normale dingen kan doen. Dan wordt patiënt Annelies eventjes mama Annelies, vriendin Annelies, of zus Annelies.

Na mijn ontnuchterende meeting met de neuroloog en mijn kafkaiaanse stadswandeling vorige week, kwam vrijdag de zon door de wolken piepen. Ik had mijn artikel De dikke blauwe kaft nog geen uur gepubliceerd, of ik kreeg al telefoon, helemaal vanuit Brussel. Ik heb een slimme telefoon, die weet vanuit welke stad iemand me probeert te bereiken. Niemand uit mijn vaste crew woont in Brussel, dus ik kreeg al een voorgevoel dat dit een belangrijk telefoontje zou kunnen zijn. Al mijn receptoren stonden op scherp. Er liep een rilling over mijn rug. Niet van de MS deze keer.

Ik ben altijd onder de indruk wanneer ik documenten krijg uit Brussel. Nieuws uit Brussel lijkt om de een of andere reden altijd belangrijker en officiëler dan nieuws uit pakweg Stekene. De stad wordt dan ook een persoon. ‘Brussel heeft gebeld’, stuurde ik naar mijn man. ‘Ik mag dinsdag 5 december voorkomen.’ Blijkbaar vind ik het ook nodig om juridische terminologie te gebruiken wanneer ik het heb over Medex. De reden daarvoor is niet ver te zoeken. Ik word ‘opgeroepen’ en moet mij gaan verdedigen. Waarom ik al zo lang afwezig ben, en waarschijnlijk ook nog lang afwezig zal blijven. Ik moet al mijn documenten meenemen. De dikke blauwe kaft gaat op citytrip naar Antwerpen.

Het blijft wel spannend wat het verdict zal zijn. Want er kan vanalles beslist worden. Dat heeft meneer vakbond me vorige keer van naaldje tot draadje uitgelegd. Er kan beslist worden dat ik niks mankeer en dus terug aan de slag kan. Lijkt weinig waarschijnlijk. Of er kan beslist worden dat ik aan een ‘ernstige en langdurige aandoening’ lijd. Het voelt alleszins zo. Of er kan beslist worden dat ik vroegtijdig op tijdelijk pensoen gezet word. Dat wordt dan na 2 jaar herzien en kan dan omgezet worden in definitief pensioen, tenzij je al terug aan het werk bent. Hier ben ik bang voor, dat ik op pensioen moet. Dat klinkt surreëel. Ik ben 32 jaar. Aan de andere kant, moest ik een olympische turnster zijn, ik zou al 10 jaar op pensioen zijn. Ik hoop dat ik Medex kan overtuigen dat ik niets anders wil dan terug voor de klas te staan, want dat zou betekenen dat ik geen pijn meer heb en de energie ervoor heb. Zelfs mijn keuze voor een drastische therapie is geïnspireerd door mijn wil om te werken. Iedereen die mij kent, weet dat ik doodgraag lesgeef. De vraag is of Medex dat ook weet.

Nu vind ik het toch ongelooflijk dat ik vrijdag juist op dat moment het verlossende telefoontje kreeg. Ik ben klaar met het artikel waarin ik mijn vrees uitspreek over hoelang het zal duren eer Medex mij oproept, ik publiceer de blogpost, ik drink een kop koffie, en hup: telefoon uit de hoofdstad. Het werkstation heeft druk gezet, dat weet ik en daar ben ik heel dankbaar voor. Maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat ook mijn blog er voor iets tussenzit. Terwijl ik weet dat dat niet mogelijk is, want zo viraal ben ik niet. Ik had nog maar 25 views. Of is het gewoon karma? Ik stuur iets de wereld in, en krijg daar direct antwoord op. You win some, you lose some. Of was het omgekeerd?

x

Share: