Ik voel me stilaan een magneet voor miserie.

De dag begon nochtans goed. Mijn borst deed geen pijn meer en ik maakte me klaar voor een belangrijk item op mijn bucket list: afscheid nemen van mijn leerlingen. Ze hadden een kerstontbijt op school en ik wou hen daar verrassen met mijn aanwezigheid. Dat is gelukt. Ik was heel blij om hen te zien, en omgekeerd ook. Ik kreeg direct een lekker stuk zelfgemaakte cake voor mijn neus en heb een klein babbeltje gedaan met iedereen. Toen ik zei dat ik dit schooljaar niet meer zal terugkomen, zag ik veel beteuterde gezichtjes. Het was een emotioneel moment. Maar ik ben blij dat ik het hen peroonlijk heb gezegd. Of misschien heeft dat het net erger gemaakt, ik weet het niet. Het voelde alleszins te definitief. Als alles goed gaat, sta ik volgend schooljaar terug voor de klas. Maar ik zal niet voor déze klas staan en dat is sneu. Het zijn juist zulke lieverds. Na een klein uurtje voelde ik dat het genoeg was geweest. De drukte was slopend en de emotie uitputtend. Ik keerde terug huiswaarts samen met mijn chauffeur-schoonzus. Zij zag hoe dit bezoekje me had geraakt.

Toen ik thuiskwam, had ik me beter in de zetel geïnstalleerd en Netflix opgezet, dan had ik waarschijnlijk nu kunnen zeggen dat vandaag een prachtdag was. Maar mijn regeldrift besliste daar anders over. Voor ik me liet neerploffen, nam ik de telefoon om iets kleins te regelen van mijn dikke blauwe kaft. Ik wou namelijk weten hoelang ik nog moest wachten op de brief van Medex. Op 30 november ben ik voor de pensioencommissie verschenen. Jullie herinneren jullie wel dat ik me A(nne)lies in wonderland voelde toen de controlearts in de Pelikaanstraat had bepaald dat ik een ernstige en langdurige aandoening had. Dit impliceert namelijk dat mijn ziekteverlof voor een jaar wordt verlengd en ik dus recht heb op mijn volledig loon tot in oktober 2018.

De beslissing is drie weken geleden genomen, en ik besloot dat het vandaag een mooie dag was om eens te informeren hoever ze waren met mijn case. Sinds oktober krijg ik namelijk ‘wachtgeld’ omdat mijn ziektedagen uitgeput zijn. Dat wachtgeld is ongeveer 60% van mijn loon. Totdat ik een officiële brief van Medex in mijn bus heb, blijft dit zo. Ik had gehoopt dat die brief zou aankomen voor de kerstvakantie zodat ik heel die administratieve ellende achter mij kon laten. Dus ik belde even, gewoon voor de zekerheid.

De jongeheer van Medex kon me niet helpen. Hij raadde me aan om nog even geduld te hebben. Op dat moment is het begonnen, denk ik. Op dat moment is mijn vulkaan beginnen borrelen. Ik legde hem uit dat ik geen tijd heb om te wachten omdat ik binnenkort zal verdwijnen voor onbepaalde duur, en ook dat N. al genoeg zorgen zal hebben als tijdelijk alleenstaande vader met een zieke vrouw. Dat we financiële problemen kunnen missen als kiespijn. Daarna vroeg ik hoe lang ‘even’ dan moest duren naar zijn mening, en toen ik daar ook geen antwoord op kreeg, kan het zijn dat ik hem heb toegesnauwd of hij zijn huis kan afbetalen met  60% van zijn loon. Geschrokken schakelde hij mij door naar de Pelikaanstraat.

De vrouw die ik toen aan de lijn kreeg was rustig en vriendelijk, dus ik besloot me te herpakken. Ik gaf mijn rijksregisternummer, zij zocht mijn dossier op, en zag dat de brief op 1 december naar Brussel was vertrokken, 1 dag na het gesprek dus. Opluchting. Ik vroeg waarom die brief naar Brussel was gestuurd en niet naar mij. Ze legde uit dat er in Brussel nog een commissie zich moet buigen over de beslissing van de contolearts. Pas dan kan alles in werking worden gezet in verband met terugbetaling. Er moet dus nog een beslissing over de beslissing gemaakt worden. Dat was nieuwe informatie voor mij, maar ik bleef hoopvol. Dat die dingen omslachtig zijn geregeld, zover was ik al. Opnieuw vroeg ik hoe lang het ongeveer zou duren eer ik een bericht zou krijgen. Ze tikte wat op haar computer en schraapte haar stem. ‘Mevrouw, ik zie hier dat die brief nog niet in Brussel is aangekomen.’ Mijn vulkaan begint terug op te borrelen. ’21 dagen is toch wel heel lang om een brief van Antwerpen naar Brussel te sturen’, merkte ik op. ‘Maar ja, mevrouw, wij werken hier met koeriers, en ja, nu ik eraan denk, er is in die periode wel iets fout gelopen met de koerierdienst.’ Vulkaan. Ontploft.

Mijn brief is dus zoek. En als ik vandaag niet had gebeld, had er geen haan naar gekraaid. Ik zou nog lang kunnen wachten op een brief. Er is er gewoon geen! Mijn dossier is hangende, maar niemand die dat door heeft. Of beter gezegd: niemand die het zich aantrekt. Ik ben al drie weken aan het wachten op Godot. De beslissing is nog niet eens genomen! En ik maar denken dat alles in kannen en kruiken is. Ben ik dan zo naïef? Als er een probleem is met de koerierdienst, dan zorg je er toch voor dat je weet of al je verzonden brieven effectief zijn aangekomen? Dit gaat wel over mensenlevens, dit is geen zoekgeraakt kerstkaartje. En los daarvan: mailen is te handig zeker? Ik kan niet geloven dat dit gebeurt. Dit kunnen zelfs televisiemakers niet bedenken. Ze zouden het afvoeren wegens ongeloofwaardig.

Ik ben zó kwaad. Er komt stoom uit mijn oren. Ik had zo gehoopt dat ik een serene kersttijd in zou kunnen gaan, dat ik nog zoveel mogelijk zou kunnen genieten van mijn gezin en familie. Ik had ook gehoopt dat ik nog enkele onbezorgde momenten zou kunnen beleven vooraleer ik start met de chemo. Maar het is mij niet gegund. Nu moet ik weer gaan bellen, mailen, me zorgen maken, me kwaad maken, omdat andere mensen hun werk niet doen. Of het zich alleszins niet aantrekken. Het enige wat ik wil, is administratieve rust. Ik heb mijn energie en aandacht nodig voor andere, belangrijkere zaken. Ik wou dat ik kon vertrouwen op het systeem, maar ik heb ondertussen wel begrepen dat er helemaal niks in orde komt als je er niet zelf achter zit en niet iedereen controleert. Ik ben het moe. In alle betekenissen van het woord.

Aan de andere kant: ik heb weer voldoende materiaal om deze prachtige blogpost te schrijven.

Stay positive!

x

Share: