Op het gevaar af spammerig over te komen, stuur ik mijn voorlopig laatste ziekenhuisblogpost de wereld in. Ik kan jullie het volgende nieuws gewoonweg niet onthouden. Al sinds 9u44 deze ochtend davert de grond onder mijn voeten. De dokter is langs geweest. Samen met zijn stille assistente gingen ze in hun ondertussen vertrouwde positie staan. Hij leunend tegen de vensterbank. Zij nauwlettend mijn reacties in het oog houdend. Mijn verwachtingen waren laag. Ik dacht dat mijn arme witte bloedcellen eerst nog enkele dagen rustig zouden voortkabbelen. Ik vond ze al flink met hun 130 van gisteren, dus ik gaf hen nog enkele dagen respijt om rustig verder hun weg te zoeken.

Maar toen zei de dokter -langs zijn neus weg, met de deur in huis, met pretlichtjes in de ogen- dat mijn witte bloedcellen vannacht hun sprong gewaagd hebben. Hij sprak maar liefst over 1300 soldaatjes. Als ik het goed voorheb, is dat gewoon een vermenigvuldiging van 100 ten opzicht van gisteren. Meteen werd de isolatie opgeheven. De deur mag open, de mondmaskers mogen wegblijven. Voor de rest moet ik wel nog eventjes op de kamer blijven. Het is niet zo dat ik nu ineens ongenaakbaar ben. Maar dit is meer dan ik kon geloven. Daarbovenop sprak hij zijn sterke vermoedens uit dat ik dit weekend al naar huis mocht. Dit weekend!

Het ene moment denk je: dit is mijn leven, dit komt nooit meer goed. Ik kom hier nooit ongeschonden uit. Het andere moment denk je: het is waar wat ze zeggen. Alles gaat voorbij. Gemiddeld op dag 10 maken de witte bloedcellen hun grote sprong. Ik ben dus perfect gemiddeld. Wie had dat gedacht? Ik ben zo blij dat ik gemiddeld ben. Gemiddeld zijn is in mijn ogen het mooiste wat er is. Ode aan de gemiddelde mens!

Stop Spam. Tot thuis.

x

Share: