Heel erg goed, dank u wel.

Om met een cliché in huis te vallen: geen nieuws is goed nieuws, dat geldt zeker voor mij. Ik voel steeds minder de behoefte om mijn avonturen (medische en andere) neer te pennen en te delen met de wereld. De reden hiervoor is simpel: ik heb minder nood om mijn gedachten en gevoelens te structureren wanneer het goed gaat. De intensieve en kritieke periode is voorbij, mijn herstel verloopt volledig naar wens. Wat zeg ik? Mijn herstel verloopt veel vlotter dan ik ooit had kunnen bevroeden! Mijn hersenen zien er bijna vlekkeloos uit. Er zijn geen nieuwe ontstekingshaarden te bespeuren. Er is zelfs één vlekje verkleind: van 12 mm naar 9 mm. Hoera! Mijn oude littekens blijven wel zichtbaar en zorgen voor die verdomde zenuwpijnen en vermoeidheid. In de nasleep van de stamceltransplantatie ben ik volop bezig met de vaccinaties. Ik heb al twee rondes inentingen gekregen. De chemo heeft mijn immuunsysteem volledig afgebroken, dus ik moet nu spuiten krijgen tegen streptokokken, meningitis, tetanus, en al die andere Kind en Gezin schizzle. Op immuunvlak ben ik een pasgeboren baby. Nee, dat is niet waar: een pasgeboren baby krijgt nog antistoffen mee van zijn moeder. Al de moeite van mijn moeder ten spijt, schiet zelfs daar bij mij niks meer van over. Ik ben een blanco blad.

En toch voel ik me sterker dan ooit. Net zoals een baby langzaamaan de wereld ontdekt, gaat er voor mij ook een nieuwe wereld open. Een wereld van een actieve moeder, een aanwezige echtgenote, een plezante zus en een toffe vriendin. Waar ik voor de transplantatie vaak door pijn en/of vermoeidheid maar een schim was van mezelf, heb ik nu volwaardige dagen waarin ik leuke dingen doe (yoga! paardrijden! de kinderen met de fiets naar school brengen!), zonder daarvoor gestraft te worden. Uiteraard zijn er nog dagen waarop het niet lukt en waarop de vermoeidheid toeslaat en de zenuwpijnen me aan de zetel en de dafalgan kluisteren, maar die zijn gelukkig in de minderheid.

Naar mijn gevoel ben ik bijna terug thuis van mijn odyssee. De afgelopen maanden ben ik van redelijk levend naar bijna dood naar nu springlevend gereisd. Mijn bestemming nadert. Of Ithaka is in zicht, zo u wil. Ik voel dan ook de behoefte om je te vertellen wat ik onderweg allemaal geleerd heb. Kwestie van niet met lege handen aan te komen, om van die kale reis maar te zwijgen. Wie weet ben jij er ook iets mee.

  • *geduld is een schone deugd* Een mens wil altijd meer. Ik ben ervan overtuigd dat dit een onweerlegbaar feit is. Het komt niet bij iedereen op dezelfde manier tot uiting: sommigen willen meer geld, anderen willen meer winnen, er zijn er die meer conditie willen of meer willen afvallen. Ik wil steeds meer dingen doen. Terwijl ik in maart al superblij was wanneer ik een kwartier kon stappen, vind ik nu een dag waarop ik vijf uur in de zetel heb gelegen (maar wel mezelf en de kinderen heb klaargemaakt, hen met de fiets naar school heb gebracht, naar de yogales ben geweest en het eten voor ’s avonds heb klaargezet) al een mindere dag. Mijn lieve man N., die naast een brede torso ook een enorm relativeringsvermogen bezit, zegt me dagelijks: ‘Annelies, zie nu eens vanwaar je komt. Zijt nu eens blij.’ En inderdaad, ik kom van heel ver en inderdaad, ik ‘moet’ dankbaar zijn. Toch voel ik dat ik mezelf moet intomen. Zo sta ik bijvoorbeeld te trappelen om terug te beginnen werken. Ik ben op advies van de dokter niet gestart in september. Dat was maar een beetje pijnlijk, want ik werd volledig in beslag genomen door R, die gestart is in het eerste leerjaar. Wat geniet ik ervan om haar te helpen oefenen met die eerste letters en woordjes. Ik kijk er wel voor uit dat ik niet al mijn lesgeefaspiraties botvier op mijn oudste dochter of ze is al schoolmoe vooraleer alles goed en wel begonnen is. Het plan is om na de herfstvakantie terug voor de klas te staan, op een capaciteit van 50%. R. zal blij zijn als haar moeder terug andere leerlingen heeft om zich mee te moeien. Ik ook. Ik kan gewoon niet wachten om mezelf terug ‘heel’ te voelen: mijn job hoort daarbij. Ik voel me goed, en het smaakt naar…meer.

 

  • *neem jezelf serieus en zoek hulp*  Je kan alles verliezen, in mijn geval dus mijn gezondheid, maar je mag nooit denken dat je een verloren zaak bent. Dat is mij dus wel overkomen, ergens in mijn isolatieperiode en ondanks de goede raad van Lucky Luke. Ik voelde dat ik oog in oog stond met de dood en door dat inzicht ben ik fundamenteel veranderd. Ik heb er een serieuze kater aan over gehouden. Mijn lijf is sneller hersteld dan mijn geest. Samen met een lieve psycholoog werk ik dan ook aan mijn recent opgelopen angstaanvallen en momenten van complete radeloosheid. Wanneer je terdege beseft hoe broos alles in ons leven is, kan dat besef je de adem benemen en de grond vanonder je voeten slaan. Voorheen wist ik deze zaken wel op cognitief niveau, maar ik had ze nog nooit doorleefd. Nu dus wel. Geregeld heb ik existentiële momenten waarin alles me surreëel overkomt. Alsof ik een schim ben in de grot van Plato. (Is dit niet zo?) Dit gezegd zijnde, kies ik ervoor om vooruit te gaan met de geit en hulp te zoeken bij dit innerlijk strijdtoneel.

 

  • *leef naar je prioriteiten* Ik heb eens gelezen dat er onderzoek is gedaan naar de top drie waar mensen het meest spijt van hebben wanneer ze terugkijken op hun leven. Het zal u misschien verrassen, maar ‘ik heb mijn afwas laten staan’ en ‘ik heb te weinig gestofzuigd’ stonden er niet bij. Zelfs ‘ik heb te weinig feestgevierd’ en ‘ik heb spijt dat ik nooit heb gebungeejumpt’ haalden de top niet. Wel: ‘ik had meer tijd moeten maken voor personen die ik graag zie en voor dingen die mij gelukkig maken’. Daar komt het altijd op neer. Ik ben dan heel secuur nagegaan wat voor mij belangrijk is in het leven. Ok ok, ik geef het toe: ik heb een lijstje gemaakt. Staat met stip op 1: ons gezin: de meisjes en N. Op 1B: mijn (schoon)ouders, (schoon)zussen, (schoon)broer(s) en alle uitwaaierende takken van onze dikke familiestam 2. vrienden 3. paarden 4. werk 5. yoga. Allicht is dit lijstje niet anders dan voor mijn stamceltransplantatie, maar ik vul het nu wel helemaal anders in. Het is echt een goede oefening om na te gaan of je leven is ingericht volgens je zogenaamde prioriteiten. Je prioriteiten op een rijtje hebben is één ding, maar er ook naar handelen, is andere koek. Ik zal even voor mezelf spreken wanneer ik zeg dat dit voor mijn stamceltransplantatie totaal niet het geval was. Uiteindelijk had het werk voorrang op alles. Ik neem mezelf voor om het deze keer anders aan te pakken. Ik heb minder energie dan een gezond persoon, dus ik kan mijn leven best anders inrichten. Ik ga dus 50% werken, zodat ik de overige 50% van mijn tijd kan besteden aan 1, 1B, rusten en al de rest. Deze keuze, die ook weer geen keuze is, vergt moed. Begin klein. Heb je nog een half uur de tijd en je twijfelt tussen de was opvouwen en een wandelingetje te maken? Maak de wandeling! Keuze tussen een verhaaltje lezen aan je kleuter of je benen scheren? Lees het verhaaltje! Of scheer je benen als dat je gelukkig maakt. Ik ben tot de afschuwelijke vaststelling gekomen dat het leven veel vaker een kwestie is van OF dan van EN. Zorg ervoor dat jouw kiezen geen verliezen wordt.

 

  • *nee is okee* Voor jezelf zorgen betekent grenzen stellen. Grenzen stellen betekent ook vaak ‘nee’ zeggen. Tegen jezelf, maar ook tegen anderen. En daar wringt het schoentje meestal. Weet je, ik ben een natuurlijke pleaser. Ik stel mensen graag tevreden en niet teleur. Plannen maken blijft een verraderlijke onderneming, want ik weet nooit op voorhand hoe ik die dag zal zijn. Ik heb een elegante oplossing bedacht voor dit probleem: ik maak geen beloftes meer. Ik maak nog plannen, maar als er iemand anders bij betrokken is, zeg ik er direct bij dat ik een onbetrouwbaar sujet ben en dat ik altijd, tot de laatste minuut, kan afzeggen. Zo dek ik mezelf ogenschijnlijk in. Maar zo simpel is het natuurlijk niet, want uiteraard haal ik het onderste uit de kan om me aan mijn woord te houden. Wanneer mijn broer me vraagt om zijn paard te rijden op de oefening, dan moet er al heel wat gebeuren om hem te laten zitten. Of wanneer ik een pseudo-belofte heb gedaan om te gaan supporteren voor N. op zijn eerste crossfit-wedstrijd, dan vind ik dat ik moet gaan, koste wat kost -hij heeft voor mij tenslotte ook altijd gesupporterd aan mijn ziekenbed. En zo laveer ik dus tussen schuldgevoel, niet willen teleurstellen, en toch zorgen dat ik me ‘niet overzet’. Je ken het wel.

 

  • *mild zijn* Mild zijn voor iedereen, niet in de laatste plaats voor jezelf is het moeilijkste, maar ook het meest noodzakelijke om positief in het leven te staan. Ik probeer een goede vriendin te zijn voor mezelf en naar mezelf te kijken met dezelfde ogen als waarmee ik naar mijn beste vriendin kijk. Probeer het ook eens: je zal zien dat die ogen oneindig veel milder zijn. Wanneer ik een probleem heb of me schuldig voel over iets, bedenk ik dat ik naar mezelf bel en de situatie volledig uitleg. Mijn vriendin-ik staat klaar met een open blik en constructieve raad, helemaal anders dan mezelf-ik, die me nog wat verder de grond in boort. Mijn vriendin-ik staat namelijk aan mijn kant, terwijl ik dat van mijn mezelf-ik soms serieus durf te betwijfelen.

Ziezo, dat was het.

Misschien moet ik toch maar een lifecoachbureau beginnen?

x

 

Share: